Parallelsessie ronde 1: 11:45 – 12:45

Mickey Valkenburg-Waringa

Meer (sociale) veiligheid betekent meer in gesprek

Ook met de leerling

Sociale veiligheid is een basisvoorwaarde om goed te kunnen leren en werken. Uit onderzoek van de Inspectie van het Onderwijs blijkt dat scholen en besturen veiligheid belangrijk vinden en dit ook vastleggen in beleid. Toch is dat niet genoeg om een écht veilige omgeving te realiseren. In deze sessie gaan we in op de belangrijkste inzichten uit het inspectieonderzoek en bespreek je wat scholen concreet kunnen doen om veiligheid daadwerkelijk te versterken. Het gesprek met leraren en leerlingen speelt daarin een sleutelrol. Hoe geef je leraren en leerlingen een stem, en hoe vertaal je hun ervaringen naar concrete verbeteringen in beleid én praktijk?

Mickey Valkenburg-Waringa is al 16 jaar werkzaam binnen het onderwijsveld, als leerkracht in het basisonderwijs en speciaal onderwijs maar ook als Orthopedagoog-Generalist. In haar loopbaan combineert zij praktijkervaring met een sterke focus op een optimale leerlingontwikkeling. Sinds 2019 is zij inspecteur voor het speciaal onderwijs, waar zij zich richt op haar toezichtsrol en het bouwen aan onderwijskwaliteit. Binnen de inspectie voert zij onderzoek uit naar ontwikkelingen binnen het onderwijsveld en draagt zij bij aan kennisdeling in het veld.


Sjoukje Mos

Pedagogisch vakmanschap: het schurende gesprek

In de samenleving hebben we veel te maken met maatschappelijke spanningen. De effecten daarvan stoppen niet bij de voordeur van de school. Jongeren verkondigen soms denkbeelden die botsen met kernwaarden van de democratie of van jou als onderwijsprofessional. Bijvoorbeeld over racisme, het klimaat, het vluchtelingenbeleid, seksuele diversiteit, genderrollen of verschillen in geloof. De spanning in de klas is voelbaar, waardoor de dialoog onder druk komt te staan. Het vraagt veel om op die momenten de touwtjes in handen te nemen en ervoor te zorgen dat de sfeer veilig blijft, en toch alle meningen gehoord kunnen worden op een respectvolle manier.

In deze sessie leer je hoe je grip houdt op een polariserende groepsdynamiek. Juist in die spanning liggen waardevolle lessen verborgen voor jongeren over hoe je met elkaar omgaat. Maar dan moet je wel weten welke rol je moet aannemen, zodat je niet – vol goede intenties – toch olie op het vuur gooit. In deze sessie krijg je een gesprekstechniek aangereikt en een stappenplan voor dialoogvoering, waarmee je zowel een helder kader neerzet en tegelijkertijd in verbinding blijft met de jongeren. Daar zit de opening voor wederzijds respect en verdraagzaamheid.

Sjoukje Mos geeft al zo’n 10 jaar trainingen aan onderwijsprofessionals over thema’s die spanning kunnen opleveren, persoonlijk kunnen raken, of taboe kunnen zijn. De afgelopen 3 jaar houdt ze zich binnen Stichting School & Veiligheid voornamelijk bezig met het ondersteunen van leraren bij het omgaan met maatschappelijke spanningen en polarisatie in de klas. Ze is ervan overtuigd dat juist in het aangaan van de dialoog over schurende onderwerpen de grootste leeropbrengst te behalen valt, als je maar weet hoe.


Anja Schouten-Borgemeester & Lisa Kiewit

Kansrijk onderwijs: onderzoek en praktijk verbinden

Wat betekent dit voor de schoolpsycholoog?

Hoe kun je als schoolpsycholoog bijdragen aan kansrijk onderwijs in een tijd waarin onderzoeksmatig en evidence-informed werken steeds belangrijker wordt? Het Auctoraat Kansrijk Onderwijs laat in deze sessie zien hoe praktijkgericht onderzoek binnen scholen bijdraagt aan kansengelijkheid en beter leren – en wat dat betekent voor jouw dagelijks werk. We gaan dieper in op hoe het auctoraat is opgezet en hoe dit bijdraagt aan onderwijsverbetering. Aan de hand van actuele projecten over meertaligheid, leerkrachtinteractievaardigheden, leesvaardigheid, feedback en de overgang van primair naar voortgezet onderwijs, verkennen we hoe inzichten uit onderzoek kunnen ondersteunen bij het analyseren van onderwijssituaties, het adviseren van teams, en het versterken van de school als leer- en ontwikkelomgeving.

We focussen hierbij vooral op de inhoudelijke onderzoekslijn “taal als (on)gelijkmaker”, waarbij we de rol van de schoolpsycholoog bekijken in het versterken van verbondenheid in een diverse schoolomgeving. Je ontdekt hoe schoolpsychologen vanuit hun systeemgerichte en onderzoekende rol, bijdragen aan duurzame ontwikkeling van leerlingen én scholen. Een inspirerende sessie voor iedereen die de brug wil slaan tussen psychologie, onderwijspraktijk en onderwijsonderzoek.

Anja Schouten-Borgemeester werkt nu 15 jaar op het snijvlak van zorg en onderwijs en is sinds 3 jaar werkzaam als schoolpsycholoog in het ZML-onderwijs. Anderhalf jaar geleden sloot zij aan bij de kenniskring van het Auctoraat Kansrijk Onderwijs. Door middel van haar onderzoekswerk levert ze een bijdrage aan de onderzoekslijn taal als (on)gelijkmaker, met als doel de kwaliteit van het onderwijs te versterken. Samen met de bestuurder van haar stichting zet zij zich in om onderzoekend werken sterker op de kaart te zetten binnen de Trigoon-scholen.

Lisa Kiewit is nu 10 jaar werkzaam als eerstegraads docent Nederlands, onder andere in Schagen en op Curaçao. Nu werkt ze op het Supreme College Castricum (internationale school) en is lid van het auctoraat Kansrijk Onderwijs waarbij haar focus op meertaligheid ligt.


Dieneke de Ruiter & Frank Studulski

Inclusief onderwijs: impact maken als schoolpsycholoog

Als schoolpsycholoog streef je naar inclusief onderwijs en sta je in nauw contact met schoolteams en leraren. Een belangrijke vraag is hoe je samen met het team afstand neemt van het medisch model en toenadering krijgt tot het sociaal model. Maar wat is eigenlijk die “mindset” die zou moeten veranderen, wat bedoelen we precies en welk gedrag hoort daarbij? Dat is de vraag waar wij in deze werksessie mee aan de slag gaan. Eerst reiken we je kennis aan over de gewoonten van inclusieve leraren en hoe andere leden van het team kunnen helpen die te ontwikkelen. Daarna ga je met je collega’s in gesprek aan de hand van een werkvorm; wat doen zij en wat kan je van elkaar leren? Tot slot reiken we je enkele praktische instrumenten aan waarmee jij aan de slag kunt op jouw scholen.

Dieneke de Ruiter is senior adviseur bij Sardes. Zij studeerde Pedagogische Wetenschappen aan de Universiteit Leiden en promoveerde op een onderzoek naar onderwijsachterstanden. Zij onderzocht hoe integratie- en onderwijsbeleid van invloed zijn op de organisatie van basisscholen en de dagelijkse interactie tussen leerkrachten en ouders. Zij heeft ruime ervaring met innovatie- en verandervraagstukken in organisaties voor jeugdhulp en speciaal onderwijs. Bij Sardes brengt zij dat samen in thema’s als thuiszittende jongeren, dekkend aanbod, en het werken met ontwikkelingsplannen en toelaatbaarheidsverklaringen. Ze houdt ervan om te werken op snijvlakken van proces en inhoud, uiteenlopende perspectieven samen te brengen en besluitvorming te realiseren, de kritische blik in te brengen en processen scherp aan te sturen.

Frank Studulski is senior adviseur/procesbegeleider en studeerde sociale geografie aan de Universiteit van Utrecht met als specialisatie westerse demografie. Hij werkte van 1990-1992 bij de Besturenraad PCO als opsteller van leerlingenprognoses en van 1992-1995 bij de Adviesraad voor het Onderwijs als wetenschappelijk staflid. In de periode 1995-2001 was hij werkzaam bij de Directie Voortgezet Onderwijs van het Ministerie van OCW. Frank werkt vanaf 2001 bij Sardes waar hij met name gemeenten begeleidt bij de brede school ontwikkeling, VVE, OAB en de ontwikkeling van een integraal kindcentrum. Daarnaast is hij betrokken bij projecten op het gebied van onderwijskansen, 21ste eeuwse vaardigheden, inclusiever onderwijs, vernieuwing vmbo en onderwijsinnovatie.


Marloes de Jong

Waarom wiebelen en friemelen in de klas heel erg nuttig is

Over onder- en overprikkeling en de gevolgen voor concentratie

Je weet dat kinderen wel eens overprikkeld raken en dan niet goed kunnen werken. Misschien weet je ook dat kinderen soms onderprikkeld zijn en door dat gebrek aan prikkels óf slaperig en sloom blijven of juist héél druk worden om extra prikkels te zoeken. In deze interactieve sessie leer je daar meer over, zodat jij ook aan de slag kunt met deze wiebelende en friemelende kinderen. Je wilt namelijk dat kinderen die onder- en overprikkeld zijn, daar minder last van hebben. Want dat betekent dat ze zich beter voelen, minder lastig gedrag laten zien en een beter concentratie hebben!

In de sessie geeft Marloes op een heldere manier uitleg over 1) wat is onder- en overprikkeld zijn?, 2) welk gedrag hoort bij onder- en overprikkeld zijn?, 3) Welke kenmerken van gedrag zijn het belangrijkst om dat te kunnen zien? en 4) welke oplossingen zijn er? Tijdens de sessie introduceer ik verschillende oplossingen die je direct de volgende dag in jouw situatie toepast.

Marloes is logopedist met meer dan 20 jaar ervaring. Zij is specialist in zintuiglijke prikkelverwerking (ZiP) en communicatiedeskundige. Marloes diagnosticeert, adviseert, begeleidt en coacht kinderen en hun begeleiders/leerkrachten. Marloes heeft ervaring met kinderen met een ondersteuningsbehoefte, zoals kinderen met ASS, Down-syndroom, een verstandelijke-, lichamelijke- of meervoudige beperking in het Speciaal Onderwijs. Zij begeleid kinderen individueel en in groepsverband. En altijd ín de klas, zodat communicatie en advies direct ingezet kunnen worden. Naast het geven van workshops en lezingen voor Wiebelen en Friemelen biedt Marloes trainingen en workshops over Totale Communicatie, gebaren, visualiseren en NT2.


Monique Nelen

Gedrag is een vak!

In deze workshop gaan we in op de professionaliseringsaanpak Lesson Study voor gedragsvraagstukken (LS-G). In een professionele leergemeenschap werken leraren samen aan het adresseren van alledaagse gedragsvraagstukken in hun lespraktijk. Ze ontwikkelen gezamenlijk een gedragsinterventie (doorgaans een gedragsles) en voeren deze uit in hun eigen klas. Op basis van video-opnames evalueren ze met elkaar de zogenaamde onderzoeksles waarbij de focus ligt op de ontwikkeling van de leerling. Ze stellen de onderzoeksles bij en voeren deze nogmaals uit. LS-G richt zich doorgaans op het verstevigen van de basisaanpak voor alle leerlingen, ofschoon ook de gestandaardiseerde groepsaanpak aan bod kan komen. Denk bijvoorbeeld aan het ontwikkelen van vaardigheden om te kunnen leren, het vlotter laten verlopen van lesovergangen of het stimuleren van zelfstandig werken.

Andere kenmerkende elementen van LS-G zijn: integratie theorie-praktijk en het onderzoeken van de eigen praktijk in een cyclisch proces. LS-G bijeenkomsten worden begeleid door een procesbegeleider, een mooie rol voor een schoolpsycholoog. Werken in een LS team draagt bij aan (het ontwikkelen van) een onderzoekende houding van alle deelnemers en daarmee aan een lerende schoolcultuur. Tijdens de workshop delen we onze onderzoeksresultaten in drie LS-G projecten: (1) pilot met basisscholen die met Positive Behavior Support  werken; (2) het begeleiden van startende leraren en (3) de opleiding van zij-instromers. Deelnemers krijgen zicht op het LS-G proces door te oefenen met het ontwikkelen van een gedragsles. We gaan in gesprek met elkaar over de meerwaarde die deze aanpak kan hebben in de professionalisering van leraren en het verstevigen van de pedagogische basis in de school.

Dr. Monique Nelen werkt als onderzoeker, orthopedagoog en lerarenopleider bij het lectoraat Inclusieve leeromgevingen en het Expertisecentrum PBS van Hogeschool Windesheim. Haar expertise is het ondersteunen van professionals en schoolorganisaties in de aanpak en het voorkomen van gedragsvraagstukken.


Parallelsessie ronde 2: 13:45 – 14:45

 

Laura Stroo & Maaike Hekerman

Hoe draag je als schoolpsycholoog bij aan the sense of belonging in de schoolpraktijk?

Van mismatch naar match: sense of belonging in de schoolpraktijk

Na een dag vol inspiratie over the sense of belonging is het tijd om te landen en te vertalen: wat betekent dit nu voor mij, in mijn werk als schoolpsycholoog? Hoe kan ik bijdragen aan the sense of belonging van leerlingen, schoolteams en mijzelf? In deze interactieve sessie van de NIP werkgroep Schoolpsychologen onderzoeken we hoe jij bij kunt dragen aan the sense of belonging in scholen. Hoe kun je zelf verbonden blijven met anderen, ook wanneer er verschillen of spanningen spelen? Hoe kun je daaraan bijdragen in schoolteams en met leerlingen?

We oogsten samen de inzichten van de dag: wat heeft je geraakt in de keynotes en werksessies, en hoe kun je die opbrengsten benutten in jouw schoolcontext? Met praktische werkvormen, reflectie en uitwisseling vertaal je inspiratie naar concrete acties. Wat neem je mee? Je hebt zicht op concrete toepassingen om belonging te versterken bij leerlingen, collega’s en in teams én om zelf stevig en verbonden te blijven in je rol.

Laura Stroo, MSc, is Kinder- en Jeugdpsycholoog NIP, schoolpsycholoog en werkzaam voor schoolbesturen en samenwerkingsverbanden. Zij is ACT trainer en docent aan de postacademische opleiding Schoolpsycholoog.

Maaike Hekerman werkt elke dag als Schoolpsycholoog op het snijvlak van onderwijs en jeugdzorg. Het is haar missie om kinderen en jongeren niet de dupe te laten worden van onvoldoende afstemming tussen die twee systemen. “Iedereen die betrokken is, zet ik aan een tafel en ik laat ze samen tot een oplossing komen. Zo ontstaat er weer perspectief voor het kind, de jongere en zijn/of haar ouders. Daarnaast zet ik me in voor meer structurele oplossingen op school, bovenschools en gemeentelijk niveau. Zodat dit soort situaties steeds minder voorkomen. Dat is mijn missie! Ik bouw graag bruggen en creëer verbinding. Daarnaast wil ik een rolmodel zijn voor collega’s. Ze mogen trots zijn op zichzelf en op hun vak. Hopelijk draag ik daar een beetje aan bij.”


Daphne van de Bongardt

Gezonde seksuele ontwikkeling: wat, hoe en waarom?

Liefde, relaties en seksualiteit zijn fundamentele menselijke behoeften. Als deze dingen goed gaan, zijn mensen gelukkiger en gezonder, en leven ze langer. De bouwstenen voor gezonde, veilige en positieve relaties en seksualiteit worden al vroeg gelegd: de kindertijd en adolescentie vormen belangrijke ontwikkelingsstadia hiervoor. In deze sessie doorlopen we wat gezonde seksuele ontwikkeling inhoudt, hoe we dit als opvoeders en professionals kunnen ontsteunen en waarom dit zo ontzettend belangrijk is, voor individuen en voor de samenleving als geheel. De sessie combineert wetenschappelijk-onderbouwde en theoretische inzichten met concrete praktijk voorbeelden.

Daphne van de Bongardt is hoogleraar Relationele en Seksuele Ontwikkeling, Educatie en Gezondheid aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Als socioloog en pedagoog bestudeert ze de rol van sociale contexten, relaties en interacties in de ontwikkeling van jongeren. Haar expertise richt zich op de ontwikkelingsstadia van de adolescentie en jongvolwassenheid, en ervaringen van jongeren met liefde, intimiteit en seksualiteit. In haar onderzoek kijkt ze onder andere de rol van ouders/opvoeders, docenten en onderwijs, sociale media en cultuur in het algemeen.


Judith Claessens

Het favoriete vak van bijna al je leerlingen: zo maak je van de pauze een rijke speelcontext

Vrij spelen is essentieel voor de ontwikkeling van kinderen, maar op veel scholen een onderbelicht thema. Tijdens deze sessie onderzoeken we waarom spel zo’n belangrijke rol speelt in de sociaal-emotionele, motorische en cognitieve ontwikkeling; én waarom vrij spelen in onze maatschappij steeds meer onder druk staat (en nee, dat komt niet alleen door die iPad).

We kijken hoe je als school een rijke speelcontext kunt faciliteren zonder dat dit ingewikkeld of kostbaar hoeft te zijn. Daarbij maken we kennis met de Playwork-benadering, een visie uit het Verenigd Koninkrijk die langzaam ook in Nederland terrein wint. Deze benadering helpt ons om anders te kijken naar het schoolplein en naar onze rol als volwassene.

Een belangrijk thema is de vraag: wanneer grijp je in – en misschien nog wel belangrijker: wanneer juist niet? Je krijgt praktische handvatten om teams mee te nemen in dit gedachtegoed, zodat het speelplein niet alleen een plek is om stoom af te blazen, maar ook een rijke speelomgeving wordt. Na afloop ga je naar huis met nieuwe inzichten én concrete ideeën om het favoriete vak van bijna al je leerlingen (de pauze) betekenisvoller te maken.

Judith Claessens is orthopedagoog en oprichter van Studio Buitenkans. Vanuit haar achtergrond in de orthopedagogiek begeleidt zij scholen en organisaties bij het ontwikkelen van groene en speelse leeromgevingen. Sinds 2017 werkt zij in en rondom het onderwijs en combineert ze kennis van kindontwikkeling met haar passie voor spel, natuur en creativiteit.

Haar fascinatie voor het schoolplein ontstond toen ze zich realiseerde hoeveel uren kinderen hier doorbrengen en hoe vaak deze omgeving onderbenut blijft. Vanuit de Playwork-benadering, een methodiek die in het Verenigd Koninkrijk breed wordt toegepast, laat ze zien hoe je speelruimte kunt verrijken en hoe begeleiders kinderen meer ruimte kunnen geven om te spelen, ontdekken en risico’s te nemen.

Judith staat bekend om haar toegankelijke stijl. Met humor, herkenbare praktijkvoorbeelden en een vleugje eigenwijsheid weet zij professionals te inspireren om met een frisse blik naar het dagelijks schoolleven te kijken. Haar missie is om te laten zien dat de pauze niet zomaar vrije tijd is maar een waardevolle context waarin kinderen groeien op sociaal, emotioneel en cognitief vlak.


Dieneke de Ruiter & Frank Studulski

Inclusief onderwijs: impact maken als schoolpsycholoog

Als schoolpsycholoog streef je naar inclusief onderwijs en sta je in nauw contact met schoolteams en leraren. Een belangrijke vraag is hoe je samen met het team afstand neemt van het medisch model en toenadering krijgt tot het sociaal model. Maar wat is eigenlijk die “mindset” die zou moeten veranderen, wat bedoelen we precies en welk gedrag hoort daarbij? Dat is de vraag waar wij in deze werksessie mee aan de slag gaan. Eerst reiken we je kennis aan over de gewoonten van inclusieve leraren en hoe andere leden van het team kunnen helpen die te ontwikkelen. Daarna ga je met je collega’s in gesprek aan de hand van een werkvorm; wat doen zij en wat kan je van elkaar leren? Tot slot reiken we je enkele praktische instrumenten aan waarmee jij aan de slag kunt op jouw scholen.

Dieneke de Ruiter is senior adviseur bij Sardes. Zij studeerde Pedagogische Wetenschappen aan de Universiteit Leiden en promoveerde op een onderzoek naar onderwijsachterstanden. Zij onderzocht hoe integratie- en onderwijsbeleid van invloed zijn op de organisatie van basisscholen en de dagelijkse interactie tussen leerkrachten en ouders. Zij heeft ruime ervaring met innovatie- en verandervraagstukken in organisaties voor jeugdhulp en speciaal onderwijs. Bij Sardes brengt zij dat samen in thema’s als thuiszittende jongeren, dekkend aanbod, en het werken met ontwikkelingsplannen en toelaatbaarheidsverklaringen. Ze houdt ervan om te werken op snijvlakken van proces en inhoud, uiteenlopende perspectieven samen te brengen en besluitvorming te realiseren, de kritische blik in te brengen en processen scherp aan te sturen.

Frank Studulski is senior adviseur/procesbegeleider en studeerde sociale geografie aan de Universiteit van Utrecht met als specialisatie westerse demografie. Hij werkte van 1990-1992 bij de Besturenraad PCO als opsteller van leerlingenprognoses en van 1992-1995 bij de Adviesraad voor het Onderwijs als wetenschappelijk staflid. In de periode 1995-2001 was hij werkzaam bij de Directie Voortgezet Onderwijs van het Ministerie van OCW. Frank werkt vanaf 2001 bij Sardes waar hij met name gemeenten begeleidt bij de brede school ontwikkeling, VVE, OAB en de ontwikkeling van een integraal kindcentrum. Daarnaast is hij betrokken bij projecten op het gebied van onderwijskansen, 21ste eeuwse vaardigheden, inclusiever onderwijs, vernieuwing vmbo en onderwijsinnovatie.


Elske Brouwer-Schudde

From me to we: all-in for belonging?

Hoe kunnen we als schoolpsychologen, leraren en begeleiders écht afgestemd zijn op kinderen, collega’s en ouders? In deze interactieve parallelsessie neem ik je mee in het belang van relationele aanwezigheid en collectieve verantwoordelijkheid. Door te ervaren en te reflecteren leer je hoe afstemming, in diverse lagen van contact, helpt om meer recht te doen aan de verbondenheid bij kinderen en elkaar.

Bij het lectoraat Goede Onderwijspraktijken aan de Hogeschool Viaa in Zwolle werkt Elske als docent-onderzoeker. Ze vindt het belangrijk in het onderwijs om vanuit verschillende invalshoeken een vraagstuk te verkennen voor een levenswaardige onderwijspraktijk. Waartoe geven wij zo goed mogelijk onderwijs? Vanuit nieuwsgierigheid, verwondering en gelijkwaardigheid mag je ook zelf de verandering in het onderwijs proberen te zijn die je wil bewerkstelligen. Daarnaast doet Elske promotieonderzoek vanuit de Rijksuniversiteit van Groningen naar het geloof in het gezamenlijke kunnen van leraren voor inclusieve onderwijspraktijken en voor verbondenheid bij en met alle kinderen.


Nieuwe wetenschappelijke inzichten

A. Wat werkt (niet) in de samenwerking en communicatie tussen leraren, schoolleiders en ouders in het onderwijs voor kinderen met kenmerken van begaafdheid?

Jessica Vergeer

Begaafde leerlingen krijgen binnen het reguliere onderwijs niet altijd de ondersteuning die ze nodig hebben. Voor Jessica’s proefschrift zijn een literatuurstudie en drie empirische studies uitgevoerd om te begrijpen hoe leraren, schoolleiders en ouders betrokken zijn bij het onderwijs aan deze leerlingen, en hoe zij de communicatie hierover ervaren.De literatuurstudie laat zien dat samenwerking tussen deze groepen erg belangrijk is voor effectief begaafdheidsonderwijs. De empirische studies bevestigen dit: bereidheid, toegankelijkheid en het delen én hebben van kennis blijken belangrijke voorwaarden voor goede samenwerking. Als deze factoren ontbreken, belemmert dat de communicatie en betrokkenheid. Bovendien versterken goede communicatie en betrokkenheid elkaar.Tijdens deze presentatie neemt Jessica je mee door haar onderzoek en deelt ze de belangrijkste inzichten: waarom samenwerking zo’n verschil maakt, welke factoren dat bevorderen of juist belemmeren, en wat dit betekent voor inclusief onderwijs voor begaafde leerlingen.

Jessica Vergeer (MSc) is gepromoveerd aan de Radboud Universiteit Nijmegen, met haar proefschrift ‘Gifted education from a systemic perspective: the involvement of and interactions between teachers, school leaders, and parents’. Daarvoor behaalde zij een bachelor Pedagogische Wetenschappen en Onderwijskunde (Radboud Universiteit), een pabo-diploma (HAN) en volgde de master Developmental Cognitive Neuroscience aan de University of York (UK). Tijdens haar loopbaan werkte zij als leerkracht in het basisonderwijs, Montessori-onderwijs en voltijdshoogbegaafdenonderwijs, en als junior onderzoeker bij het Baby Brain and Behavior Lab van Tilburg University. Haar promotieonderzoek richtte zich op een systemische benadering van hoogbegaafdheid in het onderwijs en maakte deel uit van het IMAGE-project (Impact of Activities in Gifted Education: www.imageproject.nl). Momenteel is zij universitair docent bij het Instituut Pedagogische Wetenschappen van de Universiteit Leiden, waar zij onderwijs en onderzoek combineert rondom kinderen met diverse onderwijsbehoeften.

B. Goed voelen, beter doen!

Odeth Bloemberg & Anne van Hoogmoed

Een onderzoek naar de voorspellers van lees- reken-/wiskundevaardigheid in het (gespecialiseerd) primair onderwijs

Onderzoek in het basisonderwijs heeft aangetoond dat cognitieve vaardigheden belangrijk zijn voor fundamentele academische vaardigheden, zoals rekenen en leesbegrip.  Onderzoek heeft aangetoond dat de cognitieve  vaardigheden vaker beperkt zijn bij leerlingen in het speciaal onderwijs. Daarnaast ervaren deze kinderen vaak ook problemen zoals een gebrek aan motivatie, zelfvertrouwen en schoolwelzijn. Echter, als leerlingen meer motivatie, zelfvertrouwen en schoolwelzijn ervaren, zou dit wellicht compenserend kunnen werken voor de cognitieve vaardigheden.

Om dit te onderzoeken zijn de Onderwijsspecialisten (stichting van scholen voor speciaal onderwijs) en de Radboud Universiteit samen een onderzoek gestart waarin de rol van cognitieve vaardigheden en welzijn in lezen en rekenen-wiskunde wordt onderzocht bij leerlingen in groep 4 en groep 6. We kijken daarbij ook naar de ontwikkeling van de kinderen één jaar later, in groep 5 en groep 7. Het doel is dat de uitkomsten uiteindelijk handvatten opleveren om het onderwijs aan leerlingen in het SO (en regulier onderwijs) te verbeteren.

Tijdens de presentatie wordt de opzet van het onderzoek en samenwerking tussen praktijk en universiteit toegelicht en zullen de voorlopige resultaten van het onderzoek worden gepresenteerd.

Anne van Hoogmoed studeerde orthopedagogiek en rondde de Research Master Behavioural Sciences af aan de Radboud Universiteit. Als universitair docent bij de afdeling Orthopedagogiek aan de Radboud Universiteit geeft ze les in Leerproblemen. Haar onderzoek richt zich met name op de rekenontwikkeling van kinderen, met een specifieke focus op leerlingen met extra ondersteuningsbehoeften.

Odeth Bloemberg – Van den Bekerom studeerde ontwikkelingspsychologie aan de Katholieke Universiteit Brabant en orthpedagogiek aan de Vrije Universiteit. Ze werkt als schoolpsycholoog bij De Onderwijsspecialisten, een stichting van 30 scholen voor speciaal onderwijs. Daarnaast is ze als plv. hoofdopleider en docent verbonden aan de postmaster opleiding Schoolpsycholoog bij het Radboud CSW in Nijmegen. Haar aandachtsgebieden zijn evidence-informed werken en praktijkgericht onderzoek, inclusief onderwijs en schoolveiligheid.

C. Verbonden Veerkracht: Hoe systemen samenwerken in de ontwikkeling van kinderen

Hannah Dorsman

In deze parallelsessie bespreken we de ontwikkeling van veerkracht bij kinderen aan de hand van recente wetenschappelijke inzichten. Veerkracht wordt vaak gezien als een individuele eigenschap, maar onderzoek laat zien dat het ontstaat uit interacties tussen meerdere systemen: biologische processen in het kind, de familiecontext, vriendschappen, de schoolomgeving en bredere culturele en maatschappelijke factoren. Deze “verbonden verschillen” bepalen samen hoe kinderen zich aanpassen na stress of tegenslag.

We introduceren het social transactional model, waarin kinderen en hun omgeving elkaar over tijd wederzijds beïnvloeden. Dit model helpt verklaren waarom kinderen die vergelijkbare ervaringen delen toch verschillend herstel en aanpassing laten zien. Daarnaast bespreek ik hoe huidig longitudinaal en neurobiologisch onderzoek, waaronder het THRIVE-project, onderzoekt welke neurocognitieve mechanismen, sociale relaties en schoolcontexten een rol spelen in veerkracht. Deelnemers krijgen een wetenschappelijke basis om veerkracht als dynamisch proces te begrijpen en om individuele verschillen hierin bij kinderen beter te duiden.

Hannah Dorsman is promovendus aan de Universiteit Leiden binnen Pedagogische Wetenschappen. Zij doet onderzoek naar veerkracht bij kinderen en jongeren die jeugdtrauma hebben meegemaakt, met speciale aandacht voor de rol van neurobiologische, cognitieve en sociale factoren binnen het THRIVE-onderzoek. Hannah heeft een achtergrond in Gezondheidswetenschappen (VU Amsterdam) en Cognitieve Neurowetenschappen (Radboud Universiteit), en werkte eerder als onderzoeksassistent bij het Amsterdam UMC, afdeling Kinder- en Jeugdpsychiatrie. In haar promotie richt zij zich op hoe verschillende typen jeugdtrauma de sociale informatieverwerking, emotieregulatie en ontwikkeling van veerkracht beïnvloeden.