Veerkracht bestaat niet

Anne-Laura van Harmelen
Anne-Laura van Harmelen

“De veerkrachtige van kinderen versterken” klinkt belangrijk en positief. Maar wat bedoelen we eigenlijk als we dat zeggen? En wat gebeurt er wanneer we tegenslag vooral zien als iets waar een kind mee moet leren omgaan? In deze keynote zet Anne-Laura het gangbare denken over veerkracht op scherp. Veerkracht is geen persoonlijk bezit dat kinderen en jongeren wel of niet hebben. Het ontstaat in de relaties en contexten waarin zij opgroeien en leren. De school is daarin geen decor, maar een belangrijke kracht: een plek die kan beschermen, versterken én soms juist onder druk kan zetten. De vraag is daarom niet hoe we kinderen veerkrachtiger maken, maar wat wij kunnen veranderen aan de context waarin ze opgroeien.

Anne-Laura van Harmelen is hoogleraar Brein, Veiligheid en Veerkracht aan de Universiteit Leiden. Haar onderzoek richt zich op de complexe wisselwerking tussen sociale, psychologische en neurobiologische factoren die bijdragen aan risico en veerkracht bij kinderen en jongeren. Daarbij onderzoekt zij onder meer hoe ingrijpende ervaringen doorwerken in het brein en welke rol sociale relaties en steun spelen in de ontwikkeling van veerkracht. Als wetenschappelijk leider van het onderzoek naar veerkracht na jeugdtrauma verbindt zij fundamentele kennis met maatschappelijke en pedagogische vraagstukken. Haar werk benadrukt dat de ontwikkeling van kinderen niet los kan worden gezien van de sociale context waarin zij opgroeien.

Hoe wij leren: werkelijkheid en illusies

Paul Kirschner
Paul Kirschner

Instructie is een beetje als het kijken naar een goochelaar of illusionist: wat je ziet lijkt helder en overtuigend, maar het uiterlijk verklaart niet wat er echt gebeurt. In een goochelshow richt het publiek zich vanzelf op de zichtbare acties en mist de verborgen mechanismen die het effect veroorzaken. Iets soortgelijks kan gebeuren in het onderwijs en leren.

Onderwijs is vooral kwetsbaar voor illusies omdat leren grotendeels aan het zicht wordt onttrokken. Wat we kunnen zien is activiteit, prestatie, zelfvertrouwen, gehoorzaamheid, plezier, discussie, kleur, beweging en output. Waar we eigenlijk om geven is of studenten iets leren op manieren die duurzaam, oproepbaar en overdraagbaar zijn. Dat is niet altijd hetzelfde. Sterker nog, het is vaak helemaal niet hetzelfde.

Het centrale thema van deze keynote is hoe we leren (onze cognitieve architectuur) en wat de ‘onschuldige omstander’ denkt dat er gebeurt. Paul licht het tipje van de sluier over wat we hebben geleerd van cognitieve psychologie (hoe we leren en wat het beste is om dat leren te bevorderen) samen met een aantal illusies waarbij de oppervlakte van onderwijs en leren een diepere realiteit maskeert. Of, eenvoudiger gezegd: dingen die eruitzien als leren zijn dat vaak niet, en dingen die er niet bijzonder indrukwekkend uitzien, blijken vaak precies te zijn wat leren vereist.

Paul A. Kirschner (1951) is een van de meest invloedrijke stemmen in het nationale en internationale onderwijsdebat. Al decennialang vertaalt hij wetenschappelijke inzichten over leren, geheugen en lesgeven naar helder, toepasbaar onderwijs — en ontmaskert hij hardnekkige onderwijsmythen en -onzin die meer kwaad dan goed doen.

Zijn lezingen combineren wetenschappelijke diepgang met heldere uitleg, herkenbare voorbeelden en directe toepasbaarheid voor de onderwijspraktijk en richten zich op leraren, schoolleiders, opleiders, beleidsmakers en bestuurders. Zij en staan bekend om hun combinatie van wetenschappelijke scherpte, helder taalgebruik en directe toepasbaarheid.

AI in het onderwijs

Felienne Hermans
Felienne Hermans

“AI gaat het onderwijs revolutionair veranderen”, zo luidt de belofte. Maar voordat je daarin meegaat, is het de moeite waard om eerst een fundamentelere vraag te stellen: wat is goed onderwijs, en helpt AI daar eigenlijk wel bij? Tegelijkertijd kunnen scholen AI nauwelijks negeren. Nieuwe kerndoelen vragen om aandacht voor AI-geletterdheid en het aanbod aan tools en trainingen groeit explosief. Hoe ga je daar als docent en als school doordacht mee om? Wat mag AI betekenen in de klas, bij huiswerk en bij toetsing en hoe leg je die keuzes uit aan leerlingen? En hoe geef je digitale vaardigheden mee op een manier die leerlingen aanzet tot het zelf creëren en het behouden van de regie?

In deze lezing verbindt Felienne Hermans haar expertise in informatica en AI met meer dan tien jaar ervaring als docent in het voortgezet onderwijs. Ze laat zien waarom juist in tijden van AI de menselijke maat — met aandacht voor inclusie, autonomie en ethiek — belangrijker is dan ooit.

Felienne Hermans is hoogleraar Vakdidactiek van de Informatica aan de Vrije Universiteit Amsterdam en docent informatica in het voortgezet onderwijs. Zij doet onderzoek naar het toegankelijk maken van programmeren, AI en digitale technologie voor een breed publiek.

Haar interesse in onderwijs ontstond toen zij kinderen programmeerles gaf en merkte hoe groot de cognitieve drempels zijn. Dit bracht haar ertoe zich te verdiepen in cognitieve wetenschappen en computer science education.